Menu sluiten

Communicatie Assuralia: verlenging maatregelen voor collectieve werkgeverstoezeggingen

  Terug naar gevolgen coronavirus voor de tussenpersoon

Coronacrisis: verlenging maatregelen voor collectieve werkgeverstoezeggingen

In het kader van de coronacrisis heeft de sector zich dit voorjaar geëngageerd om voor collectieve werkgeverstoezeggingen de dekkingen pensioen, overlijden, hospitalisatie, invaliditeit en/of arbeidsongeschiktheid te handhaven voor werknemers die tijdelijk werkloos zijn als gevolg van deze crisis. De werkgevers konden bovendien uitstel van betaling vragen voor de betrokken premies tot eind september 2020.

Dit sectorinitiatief werd in wetgeving omgezet via de wet van 7 mei 2020 die buiten werking trad op 30 september 2020.
 
Intussen heeft de federale regering op 6 november beslist om de vereenvoudigde procedure voor tijdelijke werkloosheid opnieuw in te voeren voor alle werkgevers en werknemers tot en met 31 maart 2021. In het verlengde hiervan heeft de Ministerraad vorige vrijdag eveneens een wetsontwerp goedgekeurd tot verlenging van de uitzonderlijke maatregelen voor collectieve toezeggingen als gevolg van de coronacrisis voorzien in de wet van 7 mei 2020. Merk wel op dat dit wetsontwerp nog voor advies zal worden voorgelegd aan de Raad van State en vervolgens ter goedkeuring aan het Parlement waardoor (kleine) aanpassingen niet uitgesloten zijn.
 
Hierbij wensen we jullie te informeren over de maatregelen zoals momenteel voorzien.
 
Dit wetsontwerp voorziet in een automatische verderzetting voor tijdelijk werklozen van de dekkingen pensioen, overlijden, hospitalisatie en/of arbeidsongeschiktheid in een collectieve werkgeverstoezegging* (van 30 september) tot 31 maart 2021 alsook de mogelijkheid tot uitstel van betaling van de betrokken premies tot die datum. Deze einddatum kan later via KB nog verlengd worden.
 
Men dient drie scenario’s te onderscheiden:
 
1.  Voor werkgevers die zich vóór oktober niet verzet hadden tegen de voortzetting van de pensioenopbouw en de risicodekkingen voor hun werknemers in tijdelijke werkloosheid, wordt deze dekking voor tijdelijke werklozen automatisch verlengd tot 31 maart 2021.
 
Werkgevers krijgen wel opnieuw de mogelijkheid om de pensioenopbouw en dekkingen alsnog te schorsen (vanaf 1 oktober) conform de overeenkomst of het reglement, met uitzondering van de overlijdensdekking die steeds moet blijven lopen tot 31 maart 2021. Zij moeten de beslissing tot schorsing aan de verzekeraar laten weten binnen de 30 dagen volgend op de ontvangst van de communicatie van de verzekeraar (zie verder). Deze laatste kan een premie vragen voor de overlijdensdekking.
 
Ook de mogelijkheid tot uitstel van betaling van de betrokken premies -vandaag voorzien tot 30 september- wordt verlengd. Werkgevers die al een uitstel van betaling vroegen, genieten dus een uitstel van betaling van deze premies tot uiterlijk 31 maart 2021. Dit geldt zowel voor de verschuldigde (en nog onbetaalde) premies met een vervaldag vóór 1 oktober als voor de verschuldigde (en nog onbetaalde) premies vanaf die datum. Werkgevers die nog geen uitstel van betaling vroegen, hebben de mogelijkheid om dit alsnog te doen voor de (onbetaalde) premies met een vervaldag tussen 1 oktober en 31 maart 2021.
 
De pensioeninstelling informeert deze werkgevers over
‒       de verlenging van de maatregelen;
‒       de nieuwe mogelijkheid om de voortzetting te weigeren mits behoud van de overlijdensdekking alsook de verplichting om aangeslotenen te informeren indien de inrichter hiervan gebruik maakt.
 
2.  Dezelfde regels gelden voor werkgevers of inrichters die op 30 september voor hun werknemers nog geen beroep hebben gedaan op het stelsel van tijdelijke werkloosheid als gevolg van de coronacrisis. De verzekeraar moet ook deze werkgevers in kennis stellen van de nieuwe maatregelen. Indien de werkgever of inrichter de pensioenopbouw en risicodekkingen alsnog wil schorsen zodra de eerste situatie van tijdelijke werkloosheid als gevolg van de coronacrisis zich voordoet, dient hij de verzekeraar dit te laten weten binnen de 30 dagen na het ingaan van deze situatie of na ontvangst van de communicatie van de verzekeraar (in de hypothese dat de eerste situatie van tijdelijke werkloosheid als gevolg van de coronacrisis zich voordoet tussen 1 oktober en de ontvangst van de communicatie van de verzekeraar). De overlijdensdekking blijft behouden tot 31 maart 2021 met de mogelijkheid van uitstel van de betaling van de hiermee samenhangende premie tot die datum.
 
3.  Voor werkgevers die vóór oktober beslisten om de pensioenopbouw en de risicodekkingen te schorsen, blijven de dekkingen van hun werknemers in tijdelijke werkloosheid geschorst conform de overeenkomst of het reglement. Er is geen informatieplicht van de verzekeraars ten aanzien van deze werkgevers voorzien.
 
Niettemin voorziet het wetsontwerp voor deze gevallen ook in een verlenging van het behoud van de overlijdensdekking. Terwijl de wet van 7 mei 2020 een verplichte verderzetting van de overlijdensdekking voorzag tot 30 juni 2020, voorziet het wetsontwerp nu (retroactief) dat deze dekking ook behouden blijft van 1 juli 2020 tot 31 maart 2021. Dit betekent dat verzekeraars alle overlijdens vanaf 1 juli 2020 moeten dekken maar wel nog voor deze periode premies kunnen aanrekenen met de mogelijkheid voor de werkgever om uitstel van betaling te krijgen tot 31 maart 2021.
 
 
Bovenstaande premies worden geacht gestort te zijn in uitvoering van de toezegging waardoor zij fiscaal op dezelfde manier behandeld worden als de andere premies van de toezegging. Werkgeversbijdragen zijn met andere woorden fiscaal aftrekbaar in hoofde van de werkgever en niet belastbaar als voordeel van alle aard in hoofde van de werknemer. Werknemersbijdragen komen in aanmerking voor de belastingvermindering van 30%.
 
De wet van 29 mei 2020 houdende diverse dringende fiscale bepalingen ten gevolge van de COVID-19-pandemie voorziet verder in een uitstel van betaling voor verzekeraars van de premietaks m.b.t. de uitgestelde premiebetalingen. Voor premies die vervallen tussen 16 maart en 31 december 2020 is de taks verschuldigd op de twintigste van de maand volgend op die waarin de betaling van de premie effectief werd gedaan. Gelet op het mogelijke uitstel van premiebetaling tot 31 maart 2021 zal Assuralia bij de politiek pleiten om de betreffende uitzonderingsmaatregel rond de betaling van de premietaks eveneens met drie maand te verlengen tot 31 maart 2021.   
 
* Met inbegrip van de individuele pensioentoezeggingen (IPT’s) voor werknemers. Toezeggingen die geen schorsing van de dekkingen t.g.v. tijdelijke werkloosheid voorzien, zijn niet geviseerd.​